2,5% van alle Nederlanders hebben een te traag werkende schildklier. Bij vrouwen komt een trage schildklier 5 x zo vaak voor dan bij mannen. Hoe ouder mensen worden, hoe meer kans dat een trage schildklier wordt vastgesteld. Lees in deze blog de belangrijkste informatie over hypothyreoïdie en de behandeling ervan. Tot slot tips over wat je zelf kunt doen aan dit probleem.

Een te langzaam werkende schildklier gaat vaak gepaard met de volgende klachten: vermoeidheid, kouwelijkheid, droge huid, droge haren, haarverlies, obstipatie, vocht vasthouden depressie. Vrouwen die een schildklierprobleem hebben en/of een jodiumgebrek hebben meer of ernstigere klachten tijdens de overgang.

Schildklierhormoon wordt in de schildklier gemaakt van het eiwit thyreoglobuline en jodium. Een mogelijke oorzaak van een langzaam werkende schildklier is dus jodiumgebrek. Gebrek aan jodium zou in Nederland niet meer voorkomen volgens veel officiële bronnen. De bodem in Nederland is jodiumarm, echter sinds broodzout wordt gejodeerd zou een tekort zeldzaam zijn. Jodium zit daarnaast ook in zeewier en andere planten die groeien in of nabij de zee, zoals zeekraal en lamsoor.

Wist je dat 6 boterhammen per dag nodig zijn om voldoende jodium binnen te krijgen als broodzout je enige bron is? De WHO heeft de Nederlandse overheid al twee keer dringend geadviseerd om alert te zijn op jodiumgebrek, maar behalve dat er wordt geroepen dat ‘meer studies’ nodig zijn, gebeurt er niets. Jodium is voor iedereen belangrijk, volwassenen hebben minstens 150 microgram per dag nodig. Maar vrouwen die zwanger willen worden, zwangeren en vrouwen die borstvoeding geven hebben 1,5 keer zoveel nodig, 225 microgram. Naast jodium heeft de schildklier zogenaamde cofactoren nodig. IJzer en zink zijn nodig om jodium aan het thyreoglobuline te kunnen plakken en zo het schildklierhormoon T4 te kunnen maken. Selenium is nodig om T4 te kunnen veranderen in het actieve schildklierhormoon T3. Daarnaast zijn B-vitamines nodig.

Een langzaam werkende schildklier is meestal het gevolg van diverse oorzaken tegelijk. Naast tekort aan jodium en/of co-factoren is stress een oorzaak. Langdurige stress met hoge waarden van het bijnierhormoon cortisol is niet goed voor de werking van de schildklier. Schildklierhormoon zet de stofwisseling in gang, het zorgt ervoor dat de verbrandingsoventjes in de cellen, de mitochondriën, aan het werk gaan. Zo komt energie vrij en blijf je warm. Langdurige stress is vanuit de menselijke evolutie gezien iets wat voorkomt bij een natuurramp, een misoogst of een oorlog. Deze situaties gaan gepaard met hongersnood. In dat geval wordt kan de schildklierwerking maar beter geremd worden en kan de energie beter gespaard blijven tot nog slechtere tijden. Stress zet dus een rem op de aanmaak van schildklierhormoon. Stress doet nog meer. Naast het actieve schildklierhormoon T3 wordt ook altijd een beetje reverse T3 gemaakt. Dit hormoon kan net zo makkelijk de receptoren van schildklierhormoon bezetten, maar zwengelt de stofwisseling niet aan, het remt deze juist af. Hoe meer stress, hoe meer reverse T3. Dit komt omdat stress zorgt dat selenium wordt verbruikt om de stresshormonen in de lever af te breken. Hoe minder selenium er over blijft voor de schildklierhormoonomzetting, hoe meer reverse T3 er wordt gemaakt.

Een gunstig effect op de omzetting van T4 naar T3 heeft progesteron. Dit hormoon maken vrouwen veel na de eisprong. Dat is precies de reden dat de lichaamstemperatuur van vrouwen na de eisprong met 0,3-0,5 graden stijgt. Al vanaf zo’n vijftien jaar voor de menopauze wordt de progesteronproductie steeds minder. Dit heeft dus ook invloed op het schildklierhormoon. Een auto-immuunziekte, de ziekte van Hashimoto, tot slot is ook een belangrijke oorzaak van een trage schildklierwerking. In dat geval ziet het immuunsysteem de schildklier per abuis aan voor een vijand en maakt er antistoffen tegen. Deze heten anti TPO. Hoe hoger de anti TPO waarde, hoe slechter de schildklier kan werken. Als deze antistoffen aanwezig zijn binnen een half jaar na de zwangerschap, heet dit een postpartum thryreoïditis. Deze laatste ziekte kan vanzelf weer overgaan binnen een jaar. Als dat niet het geval is, is er sprake van de ziekte van Hashimoto. Vrouwen zijn veel gevoeliger om een auto-immuunziekte te krijgen dan mannen. De ziekte van Hashimoto en postpartum thryreoïditis beginnen soms gedurende enkele weken of maanden als een te snel werkende schildklier. Dit gaat bijna altijd over in een te trage werking, een hypothyreodie.

Vaststellen van hypothyreoïdie: Dit vindt plaats door goed te luisteren naar het verhaal van de patiënt. De diagnose wordt bevestigd als er afwijkende labuitslagen zijn. Er is een te hoge TSH, het schildklierstimulerende hormoon. In de meeste laboratoria ligt de grens ergens boven de 4 tot 4,5 U/l. En er is een te lage fT4, dit is het vrije (niet aan een transporteiwit gebonden) schildklierhormoon, de waarde is dan lager dan 10 pmol/l. (normaal is tussen 10 en 24 pmol/l). Artsen hanteren daarnaast de diagnose subklinische hypothyreodie. Dat wil zeggen dat de TSH waarde te hoog is, maar de hoeveelheid schildklierhormoon die gemaakt wordt is normaal. Echter hoeveel schildklierhormoon er gemaakt varieert van mens tot mens. Waar de ene persoon zich kiplekker, fit en voldoende verwarmd voelt bij een waarde van 11 en zich ook nog goed voelt bij een waarde van 10 of 13, is voor de ander een waarde van 20 pas prima. Deze persoon voelt zich dan ook wel goed bij 22 of 18, maar als de waarde fT4 lager is dan 18 ontstaan er klachten zoals bij hypothyreodie. Soms wordt bij deze klachten keer op keer bloed geprikt en vallen de waarden steeds binnen normaal. Er wordt gezegd dat de schildklier goed gewerkt. Dat is dan misschien goed als het vergeleken wordt met 1000 andere mensen, maar niet goed voor dat ene individu. Dus bij 1000 mensen kan een fT4 waarde variëren van 10 tot 24, maar bij één persoon is dat zeker niet het geval. Critici menen dat alleen de bepaling van TSH en fT4 niet voldoet. Goede en volledige diagnostiek betekent dat er ook wordt gekeken naar fT3 of T3, naar reverse T3 en naar antistoffen tegen de schildklier. Behandeling van hypothyreodie. Volgens de huisartsen richtlijn is een behandeling met (bio-identiek) schildklierhormoon T4 (Thyrax, Euthyrox) simpel en meestal doeltreffend, maar een deel van de patiënten houdt ondanks dat de waarden binnen de norm vallen nog klachten.

Bij een behandeling met schildklierhormoon zijn een paar dingen van belang: Het hormoon T4 moet worden ingenomen op een lege maag, dat kan ’s ochtends vroeg maar ook ’s avonds voor het slapen gaan het geval zijn. Er mag niet gegeten worden binnen 30 minuten na inname en ook koffie drinken binnen een 1 uur vermindert de opname van het T4 hormoon. Er mag ook geen calcium als supplement (bijvoorbeeld in de vorm van een multi) worden ingenomen binnen 4 uur na inname van het schildklierhormoon. Er gaan stemmen om aan mensen die klachten houden ondanks dat de schildklierhormoonwaarden in het bloed normaal worden, te behandelen met T3 hormoon. Dit middel is verkrijgbaar als Cytomel. De verhouding T4/T3 moet daarbij ongeveer 1:5 tot 1:7 zijn. Dat is soms lastig omdat Cytomel alleen verkrijgbaar is als tablet van 12,5 en van 25 microgram. Bovendien wordt de dosis Cytomel het beste verdeeld over 2 innames: ’s Ochtends vroeg en aan het eind van de middag. Sommige complementaire artsen schrijven ook wel dierlijk schildklierhormoon voor. Dit is gestandaardiseerde gemalen varkensschildklier. Verkrijgbaar bij bereidingsapotheken onder de namen Thyroideum of het merk Armour. T4 en T3 komen in dit middel in de natuurlijke verhouding voor. Of dierlijk hormoon bij restklachten beter werkt of een toevoeging van Cytomel kan vooraf niet voorspeld worden.

Zelf doen: Zorg bij een traag werkende schildklier voor voldoende opname van jodium, selenium, zink, ijzer en B-vitamines. Maar let op, gebruik nooit een overdosis, dus niet meer dan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid. Het liefst via de voeding, maar als dat niet haalbaar is kan een multivitamine worden gebruikt. Vrouwen met een zwangerschapswens hebben zoveel jodium nodig, dat suppletie altijd aan te raden is, tijdens de hele zwangerschap en borstvoedingsperiode. Probeer stress te verminderen, bijvoorbeeld door het beoefenen van een body-mind techniek als mindfulness of yoga. Slaap voldoende. Als er sprake is van de auto-immuunziekte Hashimoto kan het zinvol zijn om te bezien of het tijdelijk volgen van een streng dieet de klachten verminderd. Vermijd gedurende 4 weken alle granen (gluten), melkproducten (caseïne), nachtschades (aardappelen, tomaten, paprika, peper, aubergine), eieren en peulvruchten. Drink daarnaast geen koffie en geen alcoholische dranken en rook niet. Laat je alvorens aan zo’n dieet te beginnen adviseren door een orthomoleculaire diëtist of een natuurdiëtist.

Tot slot: vrouwen met een hypothyreoïdie en een zwangerschapswens moeten hun arts daarover informeren. Al bij een zwangerschapswens kan het wenselijk zijn wat scherper in te stellen en streven naar een lagere TSH waarde. Bij zwangerschap moet de dosering van schildklierhormoon T4 direct worden opgehoogd met 30-50%.

Veel informatie vind je op de site http://www.schildklier.nl

En op http://schildkliertje.blogspot.nl

Engelstalige informatie vind je op http://thyroid.about.com/bio/Mary-Shomon-350.htm http://www.amymyersmd.com/about/my-story

Reageren